luc_stevens.jpgLuc Stevens (1941- heden).


Wie is Luc Stevens?

Luc Stevens is geboren in 1941. Van 1968 tot 1975 is hij wetenschapper aan de Universiteit in Nijmegen. In 1975 doet hij een "empirisch-analystisch" onderzoek naar de effecten van de overgangsklas, een speciale klas voor kleuters met leerachterstanden". Vervolgens wordt hij in 1981 rector aan de Universiteit Utrecht.
In diezelfde periode is hij ook docent pedagogiek in Tilburg. Van 1981 tot 2002 is hij leraar orthopedagogiek( voornamelijk leerstoornissen) aan de Universiteit Utrecht. Vanaf 1994 staat hij ook bekend om zijn onderzoek omtrent adaptief onderwijs.
'Zin in leren' is de titel van het afscheidscollege dat professor Luc Stevens gaf in 2002 , toen hij zijn werkzaamheden bij de Universiteit van Utrecht beëindigde. Hij heeft geprobeerd de problemen in het onderwijs te analyseren en concludeert dat het onderwijs niet is afgestemd op de kenmerken van menselijke ontwikkeling.
Stevens was jarenlang de deskundige die de overheid adviseerde over de pedagogische aanpak in het onderwijs.Hij heeft een belangrijke stempel gedrukt op het proces rond Weer Samen Naar School.



Door wie/ wat wordt hij geïnspireerd?

Luc Stevens wordt geïnspireerd door leren door te doen;constructivisme! Er wordt uitgegaan van het idee dat onderwijs moet aansluiten bij wat de leerling al weet, maar het moet ook uitdagend zijn. Ideeën van onder andere Vygotski zijn hierin terug te vinden.
Stevens vindt dat het Nederlandse onderwijs in een crisis zit. Hij maakt zich zorgen omdat ons onderwijs immers de " basis is voor de ontwikkeling van het talent dat we als samenleving nodig hebben om verder te komen".
Hij vindt ook dat mensen moeten worden zoals ze zijn en niet zoals wij willen dat ze zijn.Wat Stevens onderwijsbreed aantreft is een tekort aan ervaren autonomie en zelfconcept of realistische zelfwaardering. Zin in leren is ons allemaal gegeven. Mensen zijn gemotiveerd om te laten zien wat ze kunnen en gemotiveerd om meer te kunnen. Mensen hebben plezier in ontwikkeling.Maar we moeten volgens Stevens dan wel scholen maken die bij kinderen passen, we moeten kinderen de gelegenheid bieden bewust te werken aan de eigen ontwikkeling aldus Stevens.
Stevens is van mening dat er in het onderwijs met alle individuele verschillen van kinderen rekening moet worden gehouden. Hij is verder van mening dat veel leer- en gedragsproblemen door het onderwijssysteem zelf worden veroorzaakt.


Nieuwe leren.
De grote man van het nieuwe leren is de emeritus hoogleraar orthopedagogiek Luc Stevens. In het NRC-Handelsblad van 25 november 2006 geeft hij aan wat de kern van dit leren is. ‘Uitgangspunt is de leerling en zijn behoefte om zich te ontwikkelen. Hij neemt de verantwoordelijkheid op zich voor zijn eigen leren. Merkt hij dat zoiets als wortel trekken moeizaam gaat, dan kan hij daar met de leraar een plan voor maken.’ In de visie van Stevens is de leraar niet iemand die leiding geeft, maar een persoon ‘die motiveert en ondersteunt’. Leren is, volgens Stevens, een activiteit van het kind. Zoals kinderen hun moedertaal leren, zo moeten ze, in zijn visie, ook breuken en andere talen leren. Hij pleit ook voor veel keuzevrijheid van de leerlingen. In zijn visie is dat de garantie dat kinderen graag en veel willen leren. In een recente studie, De nieuwe schoolstrijd, formuleert hij het op een nog iets andere wijze. ‘Hiervoor is een uitdagend en relevant onderwijsaanbod nodig, ruimte voor de leerling om te kiezen, ook zijn steunbronnen te kiezen, zelf zijn leerproces te sturen en samen te werken. Tezelfdertijd krijgt de leerling verantwoordelijkheid voor zijn keuzes van inhouden, doelen en toetsing en voor planning en besteding van zijn tijd.’ Een belangrijke kerngedachte van het nieuwe leren is de verschuiving van het vak naar de leerling. De leerling bepaalt, wat hij leert en hoe hij dat wil leren. De docent fungeert als begeleider. De inhoudelijke achtergrond voor deze vorm van leren wordt gevormd door het zogenoemde sociale constructivisme. Het sociaal constructivisme is een leerpsychologie die er vanuit gaat dat het verwerven van kennis en vaardigheden niet zozeer het resultaat is van overdracht door een docent, maar van denkactiviteiten van leerlingen. Daarbij verwerpt men de gedachte dat kennis wordt overgedragen door een externe bron. Relevante kennis wordt door de leerling zelf gemaakt, geconstrueerd. Een gedachte die rechtstreeks afkomstig is van Rousseau. Hij verlegde het accent van de leerinhouden naar de leerling. Bij de invoering van het nieuwe leren in het christelijk onderwijs is soms wel nagedacht over de achtergronden ervan. Toegegeven moet worden dat er vanuit de overheid en de inspectie, hoewel het niet absoluut verplicht was het nieuwe leren in te voeren, grote druk werd uitgeoefend. Toch kan achteraf worden vastgesteld dat de christelijke scholen veel te snel overstag zijn gegaan voor dit nieuwe leren. Er liggen principes aan ten grondslag die volstrekt in strijd zijn met de bijbelse visie op het kind, het onderwijs en het leren. Het kind is bijbels gezien helemaal niet de persoon die zijn eigen kennis construeert. Integendeel, vanuit de Bijbel moet een kind juist kennis aangereikt krijgen en is onderwijzen vooral het overdragen van kennis en wijsheid, zoals dat in de Bijbel en in de schepping is geopenbaard.

Het nieuwe leren en het sociaal constructivisme hebben in de jaren 90 van de vorige eeuw bijvoorbeeld gestalte gekregen binnen het zogenoemde studiehuis. Inmiddels is men binnen het onderwijs alweer van dat studiehuis afgestapt, maar dat leren blijft wel aanwezig. De resultaten van dit leren blijken echter niet mee te vallen. Voor meer info verwijs ik u naar http://www.bijbelenonderwijs.nl/?page=4&id=88



Bronnen:

http://www.balansdigitaal.nl/assetmanager.asp?aid=265
http://www.balansdigitaal.nl/sitemanager.asp?artikel=459%20-%2027k

http://www.bijbelenonderwijs.nl/?page=4&id=88
Bronnen geraadpleegd op 27 februari 2009