PGO

Probleemgestuurd onderwijs (PGO) is een voorbeeld van het Nieuwe Leren, van actief leren.

Kenmerken PGO zijn:

- leren wordt gedreven door uitdagende, open-einde problemen.
- Leerlingen werken in kleine groepen met diverse leerlingen, de expertise vanuit verschillende gebieden en bronnen worden
bij elkaar gebracht in functie van doel.

- De leraar heeft een facilitaire rol.
- Leerlingen zijn zelf verantwoordelijk voor het organiseren en richting geven aan hun leerproces en dus ook verantwoordelijk
voor hun groep.

- Het geeft een verrijking van de kennis en bevordert de ontwikkeling van communicatie, probleemoplossende vermogen en
zelfgestuurde leervaardigheden.

- Het onderwijsmateriaal zijn taken (zoals probleemtaken, actietaken, studietaken en discussietaken), studieboeken, cases
en opdrachten.

- Elke taak wordt volgens een vaste methode aangepakt, namelijk de zevensprong.
- Elke onderwijsbijeenkomst heeft dezelfde structuur van voorzitter/gespreksleider, notulist en deelnemers. Dit geeft een
goede oefening van procedurele vaardigheden als het leiden van een vergadering en samenstellen van notulen.

- Verder werkt de leerling bij PGO aan zijn sociale vaardigheden (discussiëren), samenwerken en presenteren.
- Elke onderwijsgroep heeft een tutor, die het groepsproces begeleidt.
- Studenten nemen actief deel aan hun leerproces.

Voorwaarden voor het doen slagen van PGO zijn dan moeten er voldoende faciliteiten (lokalen, beamers, smartbord en dergelijke) en tutors zijn. Een belangrijk nadeel van PGO is dat daarmee de onderwijsbelasting voor docenten hoog is.

Bron:

Wikipedia (7 januari 2009). Probleemgestuurd onderwijs.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Probleemgestuurd_onderwijs.
Geraadpleegd 28-02-2009.